Want wie in Utrecht woont, hoeft niet ver te reizen voor mooie wandelingen. Ik loop hier regelmatig. Een rondje vanuit huis, een dagtocht over de Heuvelrug of langs de Kromme Rijn. Maar een echte wandelvakantie in mijn eigen omgeving? Die combinatie had ik eigenlijk nog nooit gemaakt. Bleef ik thuis in de vakantie, dan bleef ik ook echt thuis.
Tot een collega vertelde dat ze haar vakantie had doorgebracht op een camping vlak bij huis. Geen lange reis, geen uren onderweg, maar wel echt het gevoel eruit te zijn. Dat bleef hangen.
Waarom vind ik een meerdaagse wandeltocht dicht bij huis eigenlijk minder aantrekkelijk dan een tocht verder weg? Is het omdat het voelt als gedoe als je ook gewoon thuis kunt blijven? Maar waarom voelt datzelfde gedoe niet als ik naar Duitsland of België reis? Ben ik bang dat ik alles al ken? En hoe sterk is dat argument eigenlijk als ik zonder bezwaar voor de tweede of derde keer hetzelfde wandelpad loop?
Misschien zit er een idee achter dat vakantie automatisch samenhangt met afstand. Is het omdat het voelt als overbodig gedoe wanneer je net zo goed in je eigen bed kunt slapen? Maar misschien is dat vooral een gewoonte. Hoe dan ook, deze zomer ga ik rondom mijn woonplaats Utrecht op wandelvakantie.
Goed bepakt
Bij een meerdaagse tocht hoort fatsoenlijke bepakking. Voor deze reis neem ik een nieuwe trekkingrugzak mee: de deuter Aircontact Core 50 +10 liter. Tijdens het inpakken valt direct op hoeveel manieren de rugzak biedt om spullen overzichtelijk mee te nemen. De tas is van boven, van onderen én via een grote opening aan de voorkant bereikbaar. Daardoor krijgt alles een logische plek en hoef ik onderweg niet steeds de halve inhoud overhoop te halen om iets terug te vinden.
Bij het afstellen blijkt het VariClick-rugsysteem verrassend eenvoudig in gebruik. Binnen enkele minuten zijn rugpand, schouderbanden en heupband op mijn lengte ingesteld. De ActiveFit-schouderbanden en het ademende rugpand zorgen ervoor dat de rugzak, ook met een volle bepakking, prettig blijft zitten. Het zijn van die details waar je tijdens een dagwandeling nauwelijks over nadenkt, maar die tijdens vier dagen achter elkaar een groot verschil maken.
Wandeltocht over vertrouwd terrein
Vanaf het Domplein in Utrecht vertrek ik voor mijn wandeltocht van in totaal 45,6 kilometer, verdeeld over vier wandeldagen. Door de stad loop ik via het Panbos naar Camping Bos Park Bilthoven. De volgende dag gaat de route langs Zeist, over landgoed Heidestein en door het Zeisterbos naar Buitengoed De Boomgaard in Bunnik. Daarna volg ik de Kromme Rijn, langs Fort Vechten, het voormalige Romeinse legerkamp en het Waterliniemuseum, om via Nieuw Wulven en een stukje Houten uit te komen bij de natuurcamping op Fort WKU in Tull en ’t Waal.
Daar eindigt de wandeling, maar niet de vakantie. Op de camping blijf ik nog een paar dagen. Lezen, wat wandelen in de omgeving en vooral kijken hoe het voelt om op vakantie te zijn op nog geen vijftien kilometer van huis.
Wat me het meeste opviel tijdens deze tocht? Bijna alles onderweg was vertrouwd terrein; ik heb delen van de route eerder gelopen, gefietst of bezocht. Toch voelt het echt anders wanneer je niet aan het einde van de middag naar huis gaat, maar je tent opzet en de volgende ochtend weer verder loopt.
Misschien is dat uiteindelijk de vraag achter deze wandeling: hoeveel afstand heb je eigenlijk echt nodig om het gevoel te hebben dat je weg bent?
Meer weten?
Benieuwd naar de trekkingrugzak van deuter?
deuter Aircontact Core 50 +10 liter
Dit artikel verscheen eerder op: Wandelmagazine Website


