Onderzoekers hielden van 2001 tot 2022 op 62 bergtoppen verspreid in Europa in de gaten welke plantensoorten er voorkwamen. In vier inventarisatierondes werd het aantal soorten geteld en werd van elke soort ook bijgehouden hoe veelvuldig die soort voorkwam. Daaruit bleek dat in de loop der tijd de toppen steeds groener werden.
Dat komt volgens de onderzoekers geweten door de steeds hoger wordende temperaturen. Omdat het hoog in de bergen steeds warmer wordt, kunnen plantensoorten die eigenlijk niet goed tegen kou kunnen vanuit de dalen steeds verder omhoog komen. Daardoor komen hoog in de bergen steeds meer verschillende plantensoorten voor, maar dat levert juist een groot risico op voor de biodiversiteit. Iets wat we op korte termijn wel eens zouden kunnen gaan zien.
Op de bergtoppen groeiden namelijk al planten die juist niet goed tegen die stijgende temperaturen kunnen. Het laat zich raden wat daarmee te gebeuren staat: als de temperaturen te hoog worden, zullen die verdwijnen. Temeer nog omdat al die ‘nieuwe’ plantensoorten ze ook nog eens zullen verdringen. Hoewel de biodiversiteit nu dus nog lijkt toe te nemen, vrezen de onderzoekers dat deze huidige toename van soorten eigenlijk een voorbode is van een grote uitstervingsgolf.
Het is niet helemaal voor het eerst dat dit soort onderzoeken naar buiten komen. De laatste tien jaar zijn er verschillende studies geweest naar de flora en fauna, waaronder een omvangrijk Zwitsers onderzoek dat zelfs veertig jaar lang duurde. Bij dit nieuwe onderzoek zijn de wetenschappers er echter veel beter in geslaagd om andere variabelen uit te sluiten, waardoor het verband met temperatuurstijgingen veel beter is aangetoond.